Wie wij zijn en wat Zimihc is

Nederlandstalige muziek, poëzie en multimedia,
Zimihc de band bestaat vanaf 1983 en op deze site kun je
de muziek van de band vinden op drie webpagina's met
onze drie cd's: onver Harde Noten, Zielsve ' el
en nu als laatste Schuil, die verschenen is als
een gecombineerde uitgave van een dvd en een cd.

Zimihc is een band die zich dus uitvindt in 1983 en bestaat uit (zie foto v.r.n.l.) Appie Alferink, R.H. Bekker, Roland Kip en Frans-Willem Korsten. Naar muzikale hoofdactiviteit is de eerste gitarist, de tweede zanger, de derde bassist, en de vierde percussionist. Er vinden wel geregeld muzikale verkenningen plaats. Appie zingt vaak, Frans-Willem soms, R.H. speelt tevens gitaar. Eenieder van het viertal maakt wel eens het ritme, met als subtiel hoogtepunt een rinkelende sleutelbos (van Roland).

De muziek die de band maakt is Nederlandstalig, met ritmes die variëren van rock tot salsa en van funk tot levenslied. Dat betekent niet dat het ritme om het even wat is. Zimihc heeft een eigen stijl en ritme: alle varianten komen altijd terug tot een uit duizenden herkenbaar Zimihc-ritme. Kenmerkend is dat de band geen drummer heeft, dat de gitarist zich niet te buiten gaat aan solo’s (en zodoende prachtige solo’s kan afgeven), dat de zanger ook spreker is (en ritselaar, fluisteraar, schreeuwer), en dat de bassist tevens ukelele speelt en bast in diverse intensiteiten.

De band treedt spaarzaam op (voornamelijk vanwege de compactheid van ieders werk). De hoofdaandacht gaat uit naar het maken van muziek, in repetities, en het opnemen daarvan in de studio.

De band maakte onver Harde Noten (1997), Zielsve’el (2001), en Schuil (2006).

Het meest recente project is uit op een cassette met negentien versies van een en hetzelfde nummer: Dylan’s Dog (tekst Patti Smith, muziek Zimihc) onder de werktitel Hond (het gaat om een nummer dat al is opgenomen in Schuil).

Sinds Zielsve’el werkt Zimihc samen met communicatievormgevers Hennipman-Schalken, die nu in uitgebreide samenstelling verdergaan als De Ruimte - ontwerpers vof.

De leden verdienen de kost op inspirerende wijze als directeur kunstenhuis Zimihc te Utrecht (Appie), docent NT2 ISK te Utrecht (R.H.), literatuurwetenschapper te Leiden (Frans-Willem) en hoofd personeelszaken NS te Utrecht (Roland). Wat ze er verder bijdoen neemt hier wat veel tekstruimte in (en valt elders na te gaan).

Geschiedenis

Dat de band in 1988, onvoorzien, een basis legde voor wat uit zou groeien tot ZIMIHC - huis voor amateurkunst (Utrecht): het is een blijvende bron van vreugde en trots. De band startte als een geheel dat een mengeling bracht van cabaret, pop en avant-garde performance. Zimihc was altijd beweging, fysiek, snelheid, persoonlijk, of zoals de recensent van een optreden tijdens het eerste Festival Theater aan de Werf in 1986 het zei: “De wortels liggen in de rock, in het muzikale anarchisme van mensen als Lou Reed. Associatief, grillig en ongepolijst gaat Zimihc ertegenaan. Op het podium ontstaat een orkaan van energie, maar een windbuil wordt het geen moment. De muziek klinkt als een klok en de vier leden staan op het podium alsof ze er geboren zijn; naadloos vullen ze elkaar in de presentatie aan.”

Het tot op de dag van vandaag volgehouden avant-gardistische gehalte blijkt uit de plaatsen waar werd optreden: eerst op straat, meestal in kelders, maar ook op zolders, dan weer in een kippenhok, en vervolgens frequent op grotere podia: (onder andere) de Blauwe Aanslag, So What, De Rode Hoed, Nohol, Amphitheater Nijmegen, Paard van Troje, Stadsschouwburg Utrecht, Kikker, Congrescentrum Noordwijkerhout, Rasa, Zuidpleintheater, Kabouterhol het Mierennest, Kleine Komedie, Tivoli – dat soort. (Een slang laat geregeld zijn oude huid achter. Blijft het dan dezelfde slang?)

De band repeteerde altijd in Utrecht:
eerst in een theaterzaal aan de Oude Kamp; daarna in een atoombunker annex muzikantenruimte onder de Albatrosbrug; daarna aan de Oudegracht en op Rotsoord; daarna in een foto-atelier aan de Westerkade; vervolgens in een buurthuis aan de Adriaanstraat; in een atelier aan de Kruisstraat; tot slot in vrije ruimtes van ZIMIHC - huis voor amateurkunst.

In chronologische volgorde

De band  start in de zomer van 1983. Dat is nadat Appie Alferink zijn adolescententijd gelijkelijk verdeelde over slapen, zwemmen, gitaarspelen en schoolgaan. Als eerstejaars trof hij tweedejaars Frans-Willem Korsten: een politiek bevlogen theaterman met gevoel voor ritme en meer dan verstand van literatuur. Deze had al eerder derdejaars R.H. Bekker getroffen: een voetballende dichter die gedichten zong en dronk, stopte met zijn studie om een andere aan te vangen. De eerste optredens boden een mix van Brecht, Breytenbach en bongo’s begeleid door een twaalfsnarige gitaar. Repetities bestonden niet, wel avonden vol verhalen met op de voorgrond de nieuwe elpee van The Gun Club, solobezoek aan Under The Vulcano en manifesten op de stadhuisbrug tegen de apartheid van Botha. Zimihc is een eigen entr’act: een gesprongen snaar van Appie is voor Frans-Willem aanleiding voor een bongodialoog met R.H. die al gauw een kring van honderd ramptoeristen trekt, of voor R.H. de mogelijkheid om een van zijn gedichten aan het volk op te dringen.

Het wordt, vanzelf, 1984. Dan is het een zegen dat poëziehater Roland Kip, die motorgewijs de Betuwe onveilig maakte en daarbij gewond raakte, Utrecht zoekt en vloeiende baslijnen onder het wilde geheel komt leggen. In de periode 1985-1987 treedt Zimihc op met het programma Ik ben als ieder anders. In de periode 1988-1990 gaat Zimihc door met het theaterprogramma Mooi om waar te zijn (Jaap Gorter vervangt dan Frans-Willem als ritmeslager). Gedurende 1990-1996 verdiept Zimihc zich in fragmenten. Terwijl Frans-Willem veel toneel maakt, verzorgen Appie en R.H. veel radioprogramma’s onder de kop Uit de Marge, en treden ze op als duo Ze kant boven. Roland speelt in drie bands tegelijk (inmiddels zijn dat er vier). Dan, in 1996-1997, werkt Zimihc in de oude samenstelling aan onver Harde Noten; gedurende 1998-aan Zielsve’el; in de loop van 2002-2006 aan Schuil.

Rariorum

Tussen de coulissen (op een repetitiecassette van 15 november 2004) klinkt, tussen een 10.49’ versie van Zoals hij daar ligt en een 1.20’ versie van Mariamaria, deze spontane verhandeling:
‘Hebben wij nou in die tijd dat we ook twee keer per week repeteerden nog? Eeeh, nee, in die tijd waren we met Zimihc even klaar, we waren met zijn 2en Ze Kant Boven aan het doen en Uit De Marge, 1 jaar met de oude Scheer en twee met jou en dat is drie jaar, en toen was dat klaar, gingen we weer iets anders doen, kort daarna zijn Frans en ik BenK gaan schrijven, jullie gingen kindjes krijgen, we gingen werkjes doen, jongens er ligt zoveel, bovenal is de zee toch weer trager dan ik me herinnerde, misschien komt dat door het is een flexiplaatje, een slap vinyltje, dat hebben we toen ook gedraaid ook, hij is erg mooi De Zee, dat optreden was ook hilarisch, terwijl het kan helemaal fout gaan, heb ik ook wel eens gezien dat het helemaal fout ging, maar deze keer was het zo ontzettend geweldig leuk, buikpijn, hij treedt nu toch op met Jules Deelder, daar heb ik het nooit op gehad, daar ben ik geen fan van, en met een snoeiharde band, het ging zo piepen in Tivoli, helemaal verzopen, weg weg weg, maar dat kan hem helemaal niet schelen, die gaat rustig in het stedelijk exposeren, weer een nieuw groot boekwerk uit,al die stripverhaaltjes van hem, toch is dat ook wel iets Ap, dat geruis, de zee kust de kust, bravo.’

De toekomst

Zimihc de band foto
-----foto opnamesessie: Agnieszka Czajkowska-----